Meer aandacht voor detaillering bij duurzame renovatie
Nederland renoveert in hoog tempo woningen naar een duurzamer energielabel. Daarbij wordt vaak een nieuwe, geïsoleerde schil rond de bestaande gevel en dak aangebracht. Dat vraagt om extra aandacht voor brandveiligheid: nieuwe materialen en constructies moeten goed op elkaar én op de bestaande bouw aansluiten. Hoe belangrijk die detaillering is, bleek bij een brand in Didam in mei 2025, waar een brandende loungebank tegen de gevel van een duurzaam gerenoveerde woning vermoedelijk de EPS-geïsoleerde gevelpanelen in brand zette. De brand breidde zich snel uit naar aangrenzende woningen. Moeten brandbare isolatiematerialen bij duurzame renovatie dan verboden worden? ‘Onzin’, zeggen onderzoekers Cindy Veerman en René de Feijter van het Nederlands Onderzoeks Instituut (NLOI). ‘Brandveilig bouwen kan prima met brandbare materialen. ‘Maar dan moet er wel meer aandacht voor detailleringen zijn.’


Een huizenblok in Didam van zes woningen uit de jaren 1965-1970 werd in 2020-2021 duurzaam gerenoveerd. Een nieuwe schil van prefab gevelelementen met brandvertragend gemodificeerde EPS-isolatie werd tegen de bestaande gevel geplaatst en een groot deel van de dakconstructie werd vervangen door een dakpaneel met een hardschuim isolatiemateriaal met brandwerend sandwichelement. De renovatie voldeed aan de bouwregelgeving. Het vuur van de brandende loungebank, buiten geplaatst tegen de achterzijde van de gevel, was echter zo intens, dat de gevelconstructie hier niet tegen bestand was. Via de isolatie en vanwege de ontoereikende of ontbrekende detailleringen in de gevel en het dak bereikte het vuur de aangrenzende woningen. Vier van de zes woningen werden als gevolg van de brand verwoest. Er vielen geen slachtoffers, ondanks dat de brand net na middernacht werd gemeld.
Onderzoek
Direct na de brand werd in een regionale krant gepleit voor een verbod op brandbare isolatiematerialen zoals EPS en werden Kamervragen gesteld. Daarom vroeg EPS-branchevereniging Stybenex onderzoekers Cindy Veerman en René de Feijter van het Nederlands Onderzoeks Instituut (NLOI) om de rol van het EPS-isolatiemateriaal bij de brand in Didam te onderzoeken. ‘Wij zijn beiden ter plaatse geweest en hebben de constructie bekeken. Ook hebben we dronebeelden gemaakt’, aldus Veerman. ‘Wij hebben gezien dat er vooral in de detaillering wat dingen mis zijn gegaan. Zowel op tekening als in de praktijk. De constructie voldeed op hoofdlijnen aan de regels, maar detailleringen werden zodanig geïnterpreteerd en uitgevoerd dat zij de brand niet konden tegenhouden en niet konden voorkomen dat de brand zich kon uitbreiden naar de naastgelegen woningen.’
Ontoereikende detaillering
De Feijter: ‘Op kritieke plekken schoot de detaillering tekort. Zo was de brandwerendheid van de doorlopende gevel nogal beperkt. Ook waren details tussen de bovenzijde van de woningscheidende wand en de sandwichpaneel-constructie eroverheen niet goed ingevuld. Ook waren diverse openingen bij de aansluiting van de woningscheidende wand, gevel en dak onvoldoende brandwerend gemaakt.’ De conclusie in het eindrapport van het NLOI luidt dan ook: de brand kon zich over meerdere woningen verspreiden door de combinatie van het gebruik van brandbare materialen in de gevelconstructie, het toepassen van onjuiste materialen als brandwerende voorzieningen en een niet toereikende detailuitvoering van brandwerende voorzieningen op kritieke punten in de constructie.
Verbieden?
Ook bij een vergelijkbare brand in Arnhem in juni 2023 van eveneens duurzaam gerenoveerde woningen was de detaillering in de gevel en vooral het dak niet toereikend. Moeten brandbare bouwmaterialen dan maar verboden worden bij dergelijke renovatieprojecten? ‘Nee, wat een onzin’, aldus De Feijter. ‘We slepen als bewoners grote hoeveelheden brandbare materialen ons huis in, zoals bankstellen, matrassen en kunststofproducten. Die staan direct in onze woon- of slaapkamer. Deze brandbare inventaris vormt een veel groter risico voor onze veiligheid dan de EPS-isolatie aan de buitenzijde van de woning. Bovendien bestaat EPS voor 98 procent uit lucht. EPS lijkt volumineus, maar eigenlijk is het een laagje materiaal dat veel dunner is dan bijvoorbeeld bitumineuze dakbedekking.’ Volgens De Feijter zijn Nederlandse gebouwen over het algemeen veilig: ‘Ook het aantal slachtoffers bij brand is in ons land extreem laag in verhouding tot de rest van de wereld. Verbieden is niet de oplossing. In de bouw passen we de laatste jaren zelfs steeds meer brandbare materialen toe zoals hout en biobased materialen. Als we onze planeet graag langer leefbaar willen houden, kunnen we namelijk niet alles van beton maken.’
Kennisniveau omhoog
Wat moet er volgens de onderzoekers dan wel gebeuren om zo brandveilig mogelijk te kunnen bouwen en renoveren? Veerman: ‘In de eerste plaats moet het kennisniveau omhoog. Dit begint met materiaalkennis. Bij onze brandonderzoeken komt het heel vaak voor dat wij andere brandprofessionals erop moeten wijzen dat het materiaal dat zij als EPS aanwijzen helemaal geen EPS is. Vaak zijn het andere soorten kunststof isolatiematerialen of zelfs minerale wol. Als het maar enigszins wittig of gelig is, dan wordt er al snel naar EPS of ‘piepschuim’ gewezen. Maar ook bij ontwerp en detaillering moeten materiaaleigenschappen bekend zijn. Pas als je weet hoe een materiaal zich bij brand gedraagt, kan je de rol van het materiaal bij brand verklaren.’ De Feijter: ‘De bouwsector moet ook begrijpen hoe materialen worden getest en hoe de testresultaten zich verhouden tot de dagelijkse praktijk. Want wat zegt een test nou eigenlijk echt? Een brand verloopt in de praktijk altijd anders dan een gestandaardiseerde brand in een testlab. Kijk naar Didam. Het is een klasse B gevel die is getest op een belasting van 30 kW, wat is te vergelijken met een brand in een prullenbak, maar er staat een loungebank tegenaan met een brandlast van meer dan één megawatt. In de praktijk gaan dingen anders. Dit soort kennis ontbreekt nog weleens bij andere partijen.’
Betere details
Als dergelijke uitzonderlijke scenario’s zich kunnen voordoen, zoals in Didam, moeten de brandwerendheidseisen dan niet fors omhoog? De Feijter: ‘Moeten we dan bunkers gaan bouwen? Dat is alleen al financieel en milieutechnisch volstrekt onrealistisch. Bij duurzame renovatieprojecten bouw je een lichtgewicht buitenschil over een bestaande woning heen om het energiezuiniger te maken. Brandveiligheid is belangrijk, maar het is niet het enige onderwerp dat van belang is bij het ontwerp van een gebouw of constructie.’ De grootste winst om met brandbare materialen brandveilig te bouwen is volgens de onderzoekers te behalen door bouwdetails beter te beschrijven en uit te voeren: ‘Dan is er minder ruimte voor vrije interpretatie’, aldus Veerman. ‘Details kunnen goed in het ontwerp staan, maar als die informatie via allerlei lagen uiteindelijk bij een onder-onder-onderaannemer belandt is de kans groot dat er ruis in de uitvoering ontstaat. Zeker bij een complex renovatieproject zoals Didam, waar verschillende renovatiesystemen moeten aansluiten op bestaande bouw, mag er geen misverstand bestaan over de interpretatie en toepassing van regels en details. Bouwen met brandbare materialen kan gewoon veilig, mits je de juiste maatregelen neemt. We moeten niet iets verbieden omdat we simpelweg niet genoeg moeite nemen om het ook goed uit te voeren.’
EPS Gids
Voor de EPS-producenten, verenigd in Stybenex, is duidelijk dat de bestaande voorschriften voor een brandveilige toepassing van bouwmaterialen in relatief nieuwe bouwmethoden bij verduurzaming niet toereikend zijn. Daarom is Stybenex, samen met ingenieursbureau DGMR, standaarddetails aan het bundelen en beschrijven voor de brandveilige toepassing van EPS-producten bij duurzame renovatie, maar ook bij nieuwbouw. Deze EPS Gids is straks op de website brandveiligisoleren.nl gratis te downloaden. Overigens zijn bij de leveranciers zelf deze bouwdetails voor hun producten al beschikbaar.
Wat vinden de onderzoekers van dit initiatief? Veerman: ‘Het is goed dat een producent zijn verantwoordelijkheid neemt en duidelijk aangeeft: je kan ons product veilig gebruiken, maar dan moet je het wel zó doen. Het is ook goed dat die oplossingen toegankelijk zijn voor iedereen, zodat het laagdrempelig is om ermee aan de slag te gaan. Een bouwer kan dan nog altijd rechtstreeks bij een producent extra navraag doen over hele specifieke situaties en toepassingen. Ja, dat is top!’
Op de hoogte blijven over de EPS Gids?
Laat je e-mailadres achter.
Meer over duurzame renovatie

Visie brandveiligheid verduurzaamde woningen
Crisislab heeft diverse onderzoeken uitgevoerd naar de brandveiligheid van energetisch gerenoveerde woningen. Deze onderzoeken hebben belangrijke inzichten gegeven in de problematiek, zowel wat betreft de vigerende wetgeving, de uitvoering van de verduurzaming als de interventiemogelijkheden voor de brandweer. Een belangrijk inzicht is hierbij dat het verschil tussen de technische middelvoorschriften (en wanneer die gebruikt mogen worden) en de overkoepelende doelvoorschriften uit de regelgeving bij veel partijen nog onduidelijk is.
In een visiedocument deelt Crisislab zijn kennis met eigenaren, aannemers en adviseurs van verduurzaamde woningen zodat zij op proportionele wijze de brandveiligheid op het wettelijk bedoelde niveau kunnen brengen.